RoboValley is een van de partners van het Europese Investeringsprogramma voor roboticabedrijven, RobotUnion. Daarbij is een bedrag van 8 miljoen euro beschikbaar om veelbelovende start-ups te helpen een volwaardig product te ontwikkelen. In gesprek met financieel en bedrijfskundig adviseur Hidde Jan Lemstra van RoboValley. Volgens hem is er in Europa weinig geld beschikbaar is om in experimentele roboticabedrijven te steken. RobotUnion helpt het budget daarvoor iets te vergroten. Vandaag deel twee van een tweeluik over de kraamkamer van de robotica. Lees hier deel 1.

Hidde Jan Lemstra Foto: Guus Schoonewille voor Robohouse

 Investeren beleggers liever niet in start-ups?

„Dat is precies het probleem. In de vroege fase heb je de angels. Dat zijn vaak mensen die hun geld zelf verdiend hebben. Wij zoeken naar investeerders die feeling met een bepaalde start-up hebben. Zo hebben we samen met Chrysalix, een Canadees investeringsfonds, een fonds opgetuigd dat 200 miljoen dollar in robotica gaat investeren. Aan ons de taak om zo veel mogelijk roboticabedrijven aan te dragen. De TU Delft is aandeelhouder in dat fonds. Doel is om te investeren in kansrijke bedrijven. Want dat fonds moet geld opleveren. Maar we zoeken ook financiering voor bedrijven waarvan de toekomst nog heel onzeker is. Daarom zitten we in RobotUnion dat is gericht op investeringen in bedrijven die nog in een supervroeg stadium zitten. Als je kijkt naar de bedragen die geboden worden, dan zie je dat het bedrag dat de deelnemers na de eerste selectieronde kunnen verdienen maar 3800 euro is. Dat zet natuurlijk geen zoden aan de dijk.”

Luister nu naar De IO Show!

Elke week het nieuws van Innovation Origins in je oren!

Waarom is RobotUnion dan een belangrijk project?

,,Door onze deelname hieraan krijgen we bij RoboValley ideeën uit heel Europa naar ons toe. Er zijn twee rondes in het programma van RobotUnion. Het eerste jaar kregen we 220 aanmeldingen van start-ups. Uiteindelijk hebben we er daarvan 40 uitgenodigd om samen te komen in Delft. De tweede bijeenkomst, waar er 20 uit geselecteerd werden was in Warschau. Die bedrijven gaan naar de laatste ronde van het project RobotUnion.”

Wat is de rol van RoboValley in RobotUnion?

,,Ik zat namens RoboValley in de selectiecommissie. Daaraan vooraf gaat het doel om bedrijven bij elkaar te brengen, een van onze kerndoelen. [Ook volwassen bedrijven die mogelijk willen investeren en naar de presentaties van de start-ups komen kijken, red]. Niet voor onze benefits. Wij zijn hier om te helpen. Vaak gebeuren de beste dingen als twee mensen aan de koffie zijn. Dan kom je in een proces terecht. Wij kunnen onze kennis delen en de bedrijvigheid aanslingeren. Maar er zijn ook allerlei technische uitdagingen. Want die bedrijven komen vaak met onopgeloste technische problemen waarvoor ze een oplossing zoeken. Daarom is TU Delft óók partner in RobotUnion. Omdat ze daarbij kan helpen door het beschikbaar stellen van de wetenschappers uit het TU Delft Robotics Institute.  Dat is een samenwerkingsverband van alle wetenschappers van verschillende faculteiten van de TU Delft die zich met robotica bezighouden. Dat zijn onze werktuigbouwkundigen, onze software engineers. En de mensen die zich bezighouden met  industrial design, in totaal 200 wetenschappers van de TU Delft. Zij bieden technische support aan die start-ups. Dat is een van de belangrijkste redenen voor start-ups om mee te doen aan het project RobotUnion, nog belangrijker dan geld. Die gratis technische support kost de deelnemende bedrijven niets en wordt betaald uit het budget van RobotUnion. Dat is apart gezet om de wetenschappers die ze inschakelen voor een technische oplossing van hun probleem te betalen. Je kunt iemand uit onze researchpool een tijdje mee laten lopen in je bedrijf om problemen op te lossen. Dat kan een post doc zijn maar ook een professor. Je krijgt dan een technisch mentor. Daar hoef je dan niets voor te betalen.”

Video: MX3D uit Amsterdam is een van de 20 start-ups die RobotUnion geselecteerd heeft

 

Hoe zit RobotUnion als organisatie in elkaar?

„Het budget wordt betaald door de EU en bedraagt zo’n 8 miljoen euro. Elk EU-project werkt hetzelfde. Er is een groep partners, in ons geval is dat een consortium. Daar zitten kennispartners in, zoals de TU Delft, VTT, Technalia, het PIAB in Polen. Daar zitten ook wat commerciëlere partners in zoals RoboValley, Bluemorpho, ISDI, een business school. Er zitten ook financieringspartners in, zoals Chrysalix Venture Capital. Maar het hele project wordt getrokken door één partij. Dat is in dit geval Fundingbox. Dat is een Spaans bedrijf dat gespecialiseerd is in ‘cascade funding’: het uitdelen van Europees geld. Dat is een heel normaal model. De kantoren van Fundingbox zitten in Madrid en in Odense, Denemarken. Zij zitten fulltime op dit project en sturen dat aan. Ik houd me namens RoboValley bezig met de voorselectie van bedrijven en met de definitieve selectie. Daarnaast houd ik me bezig met het programma van RobotUnion waarbij we bedrijven fysiek en op afstand helpen. Vervolgens brengen we de bedrijven samen. En nu helpen we bedrijven die technische hulp nodig hebben. Zo speelt iedere partner een eigen rol.”

Hoe heb je start-ups tot nu toe beoordeeld?

„Daar zit wel een structuur achter. Je bekijkt hoe ver de techniek is, hoe groot de markt is, hoe goed het team is. Hoe ver zijn ze verwijderd van de daadwerkelijke implementatie? Gaat het om midden- en kleinbedrijf? Als Heineken mee zou willen doen, gaat dat natuurlijk niet. Die zijn al volwassen. Zetelt het bedrijf in een EU-lidstaat? Het gaat om EU-geld dus dat is een voorwaarde voor deelname aan RobotUnion. En er mag geen belangenconflict zijn met een van de partners in het consortium van RobotUnion.”

Maar er deed ook een start-up uit Israel mee, INTSITE, een start-up die kraanmachines maakt. Hoe kan dat?

„Dat hebben ze heel slim gedaan. Zij hebben een kantoor in Brussel geopend en tellen nu als Europees bedrijf.”

Heeft Europa last van concurrentie uit de VS en China?

„RoboValley is niet ontstaan uit concurrentieoverwegingen. Wij zijn hier gewoon goed in robots en kregen daar veel vragen over. We zijn meer ontstaan uit opportunity dan uit threat, zoals dat heet. Je ziet meer van die clusters ontstaan. Odense is een mooi voorbeeld. Daar gebeurt ook heel veel met robots. Maar dat is zeker geen concurrent. Daar werken we al van af het begin mee samen. We zitten ook samen in het project RobotUnion.”

Is de robotica-hub in Odense dan net zo groot als RoboValley?

„Het is anders. Odense heeft er als gemeente voor gekozen om zichzelf als robot breeding neer te zetten. Terwijl RoboValley niet getrouwd is met de gemeente Delft. Wij werken net zo goed voor start-ups uit Nijmegen of Wageningen. Terwijl zij echt gefocust op Odense zijn. Dat is voor hen een terechte keuze omdat er veel start-ups meer zitten.”

Er wordt veel gepraat dat in de VS alles beter is. Maar dat gaat dan vooral over ondernemers die vinden dat ze nú 5 miljoen nodig hebben. In Europa zijn investeerders kieskeuriger

Critici zeggen dat de Amerikanen en Chinezen veel grotere bedragen in robotica investeren dan de EU. Klopt dat?

„Ja. Maar dat is nog steeds geen concurrentie. De mentaliteit in de VS is heel anders is dan die in de EU. In de VS steken investeerders _ op hoop van zegen _ heel vroeg hele grote bedragen in bedrijven. In de VS is 2,5 keer zoveel geld voor hoog risicodragende financieringen van start-ups beschikbaar als in de EU. Ze schrijven ook veel meer af. In Europa zijn we juist meer gericht op de lange termijn. We verstrekken kleinere bedragen verspreid over een langere periode. Er wordt veel gepraat dat in de VS alles beter is. Maar dat gaat dan vooral over ondernemers die vinden dat ze nú 5 miljoen nodig hebben. In Europa zijn investeerders kieskeuriger.”

Wat is de rol van Chrysalix? Want dat is niet Europees maar Canadees.

„Zo’n fonds is op zoek naar bedrijven om in te investeren. Dat doen ze overal ter wereld en op deze manier dus ook in Europa.”

Hoe zit dat dan met concurrentie van investeringen van China in robotica?

„Precies hetzelfde. Uiteindelijk wordt daar ook steeds meer over de grenzen heen geïnvesteerd. Vanuit China wordt steeds meer geld belegd in investeringsfondsen. En die investeren weer in bedrijven. Index Ventures bijvoorbeeld, een groot investeringsfonds voor venture capital. Zo houd je als investeerder in de gaten wat er gaande is op technologisch gebied. Het maakt voor die investeerder niet uit of diens geld belegd wordt in de nieuwste technologie van een Chinese partij is of dat het gaat om DSM.”

Jij zegt dus dat ze in de VS meer risico nemen maar dat het niet zo is dat daar betere technologie uit komt.

„Nee, zeker niet. Zo’n investering is vaak ook leergeld om te kijken wat er allemaal gebeurt. De EU neemt uiteindelijk het hoogste risico zoals je ziet bij RobotUnion. Daar verwachten ze helemaal geen return op de projecten. Dat geld is echt subsidie. Het hele RobotUnion project is ingestoken om die hele vroege fase door te komen. De ambitie is natuurlijk wel dat een paar van die bedrijven het echt heel goed gaan doen.”

Stel dat IMSystems erin slaagt zijn transmissie [lees deel 1] marktrijp te maken, dan kunnen ze een enorme verschuiving in de productie-industrie teweegbrengen.

„Zeker. Maar bedenk dat het een hele conservatieve industrie is. Dat betekent dus dat het heel lang gaat duren. Daarom heeft zo’n gigantische Amerikaanse investering helemaal geen zin. Als je nu 100 miljoen tegen IMSystems aangooit, ga je het niet redden. Omdat de huidige productielijnen in de industrie prima draaien. Wat IMSystems heel slim doet, is eerst een paar niches aanpakken waarin zij onweerlegbaar de beste zijn. Bijvoorbeeld het accuraat positioneren van een robotarm. Dat kan niemand beter dan met een IMSystems gearbox. Daar moeten ze eerst op inzetten. Toen ik net met ze begon te werken, zeiden ze: ‘we gaan alle robots van onze gearbox voorzien’. Dat is een mooie ambitie. ‘It’s the best gearbox of the world’, zegt Jack Schorsche, de uitvinder altijd en daar heeft hij gelijk in. Desondanks moet je niet onderschatten hoeveel risico de EU neemt door IMSystems in dat hele vroege stadium te steunen en hoe belangrijk dat is. Het is eigenlijk helemaal geen risico. Want het geld is zeker weg.”

Video: IMSystems uit Delft is een van de 20 start-ups die RobotUnion geselecteerd heeft

Wie heeft RobotUnion eigenlijk geïnitieerd?

„In Brussel zitten ambtenaren die zeggen: ‘het zou goed zijn als we ons gaan storten op robots. Zoals ze dat ook gezegd hebben over quantum computers, smart grids en energie. Dan zetten ze een hele lijst calls op. Daarin staat dat ze willen dat iemand iets gaat doen met robotica start-ups en wat het budget is. Wie heeft er goede ideeën?, vragen ze. Ze zeggen: ‘Nu mogen jullie, de markt, ons gaan vertellen hoe jullie dat willen gaan doen.’  Dan komt zo’n consortium, waar RoboValley dus in zit. Wij zijn samen met Fundingbox zo’n beetje de aanjagers van dit consortium geweest. Wij hebben daar de partners voor het consortium bijgezocht. Dat was niet moeilijk omdat we elkaar allemaal al kenden. Dan ga je een plan voorstellen. Daarin zeiden we: we gaan een acceleratorprogramma opstellen, met verschillende fases. We gaan beginnen met een selectie van  40 bedrijven. Dan selecteren we er daar 20 uit, en daaruit weer 10. En uiteindelijk houden we er twee over. Dan gaan we geld uitdelen en support geven. Dan beschrijf je dat allemaal in een plan. Dan zeg je tegen de EU: volgens mij hebben we 8 miljoen euro nodig voor het hele project. Dan zegt de EU: daar gaan we over nadenken. En dat duurt dan heel lang. Uiteindelijk zeggen ze: dat is goed, ga maar doen. Daar draaien we nu op.”

Een groot deel van de basis van het RobotUnion-project ligt dus eigenlijk in Delft? 

„Ja. wij hebben hier veel van die experimentele start-ups. Fundingbox is wereldkampioen cascade funding. Je hebt daar wel een systeem en structuur voor nodig. Zij hebben een heel goed platform en heel veel ervaring met de voorselectie van bedrijven, het al dan niet accepteren van deelnemers. En waar wij dus heel goed in zijn is het helpen van die start-ups.”

Dit najaar komt er een andere Europese Commissie. Heeft dat invloed op dit programma van RobotUnion?

„Nee. Het programma loopt vier jaar, tot eind 2022. De nieuwe Europese Commissie heeft daar verder geen invloed op. Belangrijker is dat het onderdeel is van de Horizon 2020 gelden. Dat was het raamwerk voor die calls waarin allerlei doelstellingen voor innovatie zijn vastgelegd. Het volgende programma, Framework Program 9, is al bijna klaar. Dus ook daar gaat de Europese Commissie weinig aan doen. Daar staan weer allerlei andere doelstellingen in. Die hebben niet alleen betrekking op de ontwikkeling van robotica maar ook op die van kunstmatige intelligentie, bijvoorbeeld. Daarop komt een hele grote focus. Je ziet dat dit ook op politiek niveau heel veel aandacht krijgt. De Nederlandse regering wil een toekomstfonds in elkaar zetten met geleend geld uit de markt dat dan ook weer geld zou moeten gaan opleveren. Ook daar wordt al geroepen dat met name kunstmatige intelligentie en robotica heel belangrijk zijn. We moeten nog maar afwachten wat daar mee gebeurt. Maar de focus is er wel.”

 Hoop je op een opvolger van het project van RobotUnion en zou je iets veranderen?

„Vanuit RoboValley gezien, zijn we nu echt op de juiste weg. We kunnen onze toegevoegde waarde steeds beter laten zien. Er moet meer geëxperimenteerd worden, en er moet een plek zijn omdat te doen. Die plek hebben we nu, met RoboHouse. Wat ons betreft doen we meer van dit soort RobotUnion-achtige projecten. De volgende stap die de EU, de overheid of iemand anders moet zetten, is grotere risico’s nemen.”

Wat bedoel je met: we moeten iets meer RobotUnion-achtige projecten doen?

„Het RobotUnion-project heeft in de huidige opzet geen specifieke focus. Of je het nu over start-ups in de landbouw of de medische sector hebt. Die doen allemaal door elkaar mee aan het RobotUnion-project. Ik denk dat de volgende stap moet zijn dat we aparte RobotUnion-projecten gaan doen voor medtech en voor agritech, bijvoorbeeld.”

Zodat je de technologieën van de start-ups onderling beter kunt vergelijken?

„Ook dat. Maar je kunt er partners bij zoeken die zich focussen op een bepaalde technologie. Je kunt beter en sneller hulp verlenen aan bedrijven. Neem Nvidia dat grafische chips maakt. Vroeger maakte Nvidia kaarten waarmee je spelletjes kon spelen. Tegenwoordig zitten ze in de kunstmatige intelligentie en deep learning. Ze kunnen supersnel rekenen. Daar heb ik niks aan als ik een start-up heb die een robotarm ontwikkelt. Want Nvidia doet echt software en is goed in grafische toepassingen. Als ik me als start-up puur focus op autonoom rijden, waarbij beeldverwerking heel belangrijk is, wordt Nvidia ineens een interessante partner. Dus als we het iets meer per niche organiseren, en iets meer geld beschikbaar stellen, denk ik dat we daarmee nog sneller goede bedrijven naar een hoger niveau kunnen brengen.”

Video: Axiles Bionics uit Brussel is een van de 20 start-ups die RobotUnion geselecteerd heeft