Eindhoven is een stad van fietsers. In de verdeling van de verplaatsingen over de verschillende vervoerwijzen, staat de fiets sinds 2013 op nummer 1. Daarvoor was de auto de baas. Eindhovenaren verplaatsen zich relatief weinig te voet of per bus. Dat blijkt uit de gemeentelijke cijfers die zijn gebaseerd op de jaarlijkse inwonersenquête. 

Het vervoersbeleid van de stad is er op gericht om de komende jaren meer mensen uit de auto te krijgen. Dat lijkt geen overbodige luxe, want in 2015, het jaar dat de stad werd uitverkozen als de vijfde fietsstad van de wereld, heeft de auto toch weer terrein gewonnen. Was het verschil in 2014 nog 5% (en groeiend), in 2015 was dat nog maar 3%. In de grafiek hieronder kun je met het schuifje van het jaartal bewegen tussen 2011 en 2015.

Het verschil tussen fiets en auto wordt groter, als we kijken naar wie zich dagelijks, wekelijks of maandelijks met een bepaald vervoermiddel naar het stadscentrum begeeft. De fiets is dan voor 66% van de mensen het ideale vervoersmiddel. De auto en de eigen benen ontlopen elkaar niet veel (36 en 34%). Ook hier is de bus veel minder populair (24%), maar nog een stuk prettiger dan de brommer (4%). Omdat meerdere antwoorden mogelijk waren, komt het totaal hier boven de 100%. In de grafiek hieronder is de ontwikkeling tussen 2011 en 2015 zichtbaar. Ga met de muis over de grafiek om de getallen te zien.

Met een reeks aan grote en kleine maatregelen moet de komende tijd het fietsverkeer in de stad een extra impuls krijgen. Fietsparkeren, snelfietsroutes en beter afgestelde verkeerslichten vormen de echte speerpunten. Die prioriteiten kwamen naar voren in een onderzoek onder fietsers zelf en zijn verwerkt in het Fietsplan Eindhoven.