Dossier Covid-19

De uitbraak van het coronavirus Covid-19 is officieel een pandemie. Maar de geschiedenis heeft ons geleerd dat juist op die momenten de mensheid tot creatieve oplossingen komt. Daarover bericht Innovation Origins dagelijks in het Dossier Covid-19.

Overheden proberen de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan door de contacten tussen mensen te beperken. Grote groepen werknemers zijn om die reden thuis gaan werken. Dat blijkt heel duidelijk uit de scherpe daling van de files in de spitsuren. Stephan Tischler van de Intelligent Transport Systems Group van de Universiteit van Innsbruck vraagt zich af of de coronacrisis het potentieel heeft om het mobiliteitsgedrag op lange termijn te veranderen.

“Het luchtverkeer in Europa is praktisch tot stilstand gekomen. Het openbaar vervoer heeft een daling van het aantal passagiers gekend tussen 40 en 80 procent. Ook het particulier vervoer is aanzienlijk afgenomen: in Wenen met ongeveer 50 procent, in Parijs met wel 80 procent. Het aantal fietsers in de grotere Europese steden is gestegen, soms zelfs aanzienlijk, omdat fietsen de voorkeur krijgt boven het openbaar vervoer.”

 

Dr. Stephan Tischler (c) Herwig Zöttl

“Ondanks alle euforie over de huidige drastische daling van het spitsverkeer mag echter niet worden vergeten dat virtuele mobiliteit niet automatisch leidt tot een feitelijk lager verkeersvolume als de beperkende maatregelen eenmaal zijn ingetrokken. Er valt niet veel winst te behalen bij toelevering en bijvoorbeeld het ophalen van vuilnis. Ook het halen en brengen van familieleden blijft bestaan, evenals weekeinduitjes en vakantieverkeer. Door toename van het online winkelen is zelfs een toename te verwachten in het bezorgverkeer. Dit zou echter verder kunnen worden geoptimaliseerd door nieuwe mogelijkheden op het gebied van de stadslogistiek.

Denkt u dat deze verandering in onze mobiliteit een gewoonte kan worden?

We schrikken er vaak voor terug om vertrouwde routines en gewoontes achter te laten en nieuwe uit te proberen, of zelfs om ze te overwegen. Wat heb ik nodig om thuis te kunnen werken? Hoe werken webcam, cloud en webconferencing? De omschakeling van veel bedrijven naar thuiskantoren en de enorme productiebeperkingen dwingen veel mensen echter om vanuit huis te werken.

Waar nog niet beschikbaar, wordt passende apparatuur aangeschaft. De verkoopcijfers van de afgelopen dagen alleen al zijn indrukwekkend, zo meldde de Oostenrijkse omroeporganisatie (ORF). Omdat er ook steeds meer monitoren, printers en dockingstations worden verkocht, kan men ervan uitgaan dat niet alleen online games booming zijn, maar dat er ook daadwerkelijk thuis wordt gewerkt.

Als men over de koudwatervrees is heengestapt en men gewend is geraakt aan virtuele contacten via webcams, dan zal dat ook na de crisis voor een deel ook zo blijven. Het betekent namelijk een enorme besparing van tijd en middelen.

Wat moet er gebeuren om na de crisis het thuiswerken en virtueel vergaderingen voort te zetten?

Er zou een uitbreiding van de technische infrastructuur moeten komen. De stabiliteit van de verbindingen en de hoge transmissiekwaliteit moeten worden gewaarborgd. Wegvallende verbindingen en slecht geluid en beeld moeten uitzonderingen worden. Het zou zinvol zijn om financiële beleidsstimulansen voor bedrijven en werknemers te creëren. Zo moeten de kosten van het thuiskantoor aftrekbaar zijn of in aanmerking komen voor subsidies.

Ik denk ook dat er op het gebied van software een breder aanbod dient te komen, zoals bijvoorbeeld virtuele samenwerkingsprogramma’s. Hoewel meer gebruik automatisch tot meer aanbiedingen zou leiden. Er zou ook een hogere databeveiliging moeten worden gecreëerd. Het centrale punt is dat thuiswerken de norm moet worden.

Hoe zit het dan met het beroepsvervoer?

Vanuit milieuoogpunt zijn trajectlengtes en -snelheden relevant, evenals het verkeersvolume. Hoe minder en hoe korter de afgelegde afstanden, hoe lager de energiebehoefte en de uitstoot. Maar ook de kans op ongevallen, de financiële kosten, de benodigde ruimte voor de vervoersinfrastructuur, enz. Door over te schakelen van de verbrandingsmotor op elektrische aandrijving wordt het probleem van de vervuiling langs de transportroutes opgelost.

Het luchtverkeer zal nog enige tijd een probleem blijven voor het klimaat, aangezien er voor de middellange en lange afstanden nog geen emissievrije motoren beschikbaar zijn. Vooral voor zakenvluchten zou het toegenomen gebruik van virtuele vergaderingen kunnen leiden tot een afname van beroepsmatige mobiliteit.

Wat zou de ideale mobiliteitssituatie zijn?

Dat de mobiliteit zichzelf reguleert en optimaliseert in de zin van duurzaamheid. Het beste voorbeeld zijn de snelheidslimieten. Door een passende uitvoering van de beschikbare ruimte op de verkeersweg, zoals breedte en visuele waarneming, wordt de toegestane maximumsnelheid in eerste instantie niet overschreden en is er geen behoefte aan een tijdrovende regeling en bewaking van de snelheidslimieten.

Opeens wordt ook duidelijk wat er mogelijk is: thuiswerken in een thuiskantoor, te voet gaan winkelen, online vergaderen, vrijetijdsbesteding in de eigen omgeving in plaats van eerst urenlang met de auto te reizen, etcetera.

Maar er is ook nog iets anders dat de samenleving en de politiek moeten bespreken. In de huidige crisis beschermen we een zeer gevoelige groep mensen door middel van massale beperkingen van onze basisrechten. Deze beperkingen worden zonder weerstand en over de partijgrenzen heen geaccepteerd en ondersteund. In het individuele vervoer weten we dat we door het verlagen van de snelheidslimieten eveneens veel levens kunnen redden. Slechts 30 in plaats van 50 rijden in de steden en op alle snelwegen altijd maximaal 100. Dat is echter politiek nog steeds ondenkbaar.”

Lees ook andere IO-artikelen over mobiliteit via deze link.