De Twentse start-up ECsens won begin van de maand de 4TU Impact Challenge. Studenten vanuit de vier technische universiteiten in Nederland presenteerden hun meest baanbrekende innovatie. ECsens overtuigde de vakjury met hun diagnostische chip om kanker sneller te detecteren. Ook het monitoren van de behandeling van patiënten kan met deze chip, sneller, nauwkeuriger en goedkoper. De chip kan bijvoorbeeld CT- en MRI-scans vervangen. We spraken oprichters Dilu Mathew and Pepijn Beekman.

Wat doen jullie precies?

“Wij hebben een chip ontwikkeld die werkt op basis van nano-elektrodes. Daarmee kunnen we de hoeveelheid biomarkers in het bloed van een patiënt meten. Een biomarkers is een indicator van een ziekte. Deze technologie is voor verschillende toepassingen te gebruiken. Zo kan het in de toekomst kanker in een eerder stadium detecteren. Maar we richten ons eerst vooral op het monitoren van de behandeling van (kanker)patiënten.”

“Nu kijken artsen na een aantal maanden via een CT- of MRI-scan hoe een tumor op een behandeling reageert. Deze scans zijn heel duur en vaak niet fijn voor de patiënt. Ook kunnen ze de tumor niet heel nauwkeurig meten. Een onderzoek met onze chip is gemiddeld vijf keer goedkoper dan een MRI-scan. Bovendien kunnen patiënten veel vaker en nauwkeuriger gemonitord worden. Zij hoeven dan alleen een beetje bloed af te geven. Wij kunnen dan op basis van de concentratie biomarkers in het bloed vaststellen hoe de handeling aanslaat.”

Luister nu naar De IO Show!

Elke week het nieuws van Innovation Origins in je oren!

“Met onze technologie kunnen we ook voorspellen welke behandeling het beste aanslaat bij een specifieke patiënt. Medicijnen vallen namelijk antigenen in het lichaam aan. Voor elk type antigeen is een apart medicijn. Daarom is het heel goed om te weten welk antigenen er precies in het lichaam zitten, zodat artsen daar het medicijn op af kunnen stemmen. Dit is bijvoorbeeld van toepassing bij de keuze van artsen voor immunotherapie. Door het bloed te analyseren kunnen artsen al voorspellen hoe iemand hierop gaat reageren.”

“Dit is kostenbesparend. Immunotherapie kost ongeveer 70.000 euro per patiënt per jaar. Terwijl deze behandeling maar bij twintig procent van de patiënten aanslaat. Dus in tachtig procent van de gevallen is het verspilling. Door het bloed eerst met onze technologie te testen, wat 100 euro kost, kunnen artsen een beter keuze voor de behandeling maken.”

Wat onderscheidt jullie van andere start-ups die met soortgelijke technologieën bezig zijn?

“De manier waarop wij gebruik maken van biomarkers. Mijn collega Dilu Mathew en ik hebben in het laatste deel van onze PhD’s samengewerkt. We hebben verschillende technologieën uitgeprobeerd en zijn uiteindelijk tot dit resultaat gekomen. Hierdoor hebben we technische kennis maar we hebben ook veel raakvlakken met de medische wereld. Hierdoor weten we goed waar er in de praktijk behoefte aan is.”

“De praktijk is voor ons heel belangrijk. We zijn nu klaar met de PhD’s en willen echt zelf een succes maken van deze technologie. Daarom staan we er niet voor open om de technologie in een vroeg stadium al te verkopen aan een groot bedrijf.”

Wat is de volgende stap voor jullie technologie?

“Er zijn nog heel veel mogelijkheden met deze technologie. De toepassing hoeft niet gelimiteerd te zijn tot kanker. We kunnen bijvoorbeeld ook bacteriën meten om infectieziekten te detecteren. In theorie is de toepassing heel breed maar in de praktijk is het lastiger omdat we voor alle toepassingen een apart keurmerk moeten hebben. We kunnen niet alles tegelijk ontwikkelen, vandaar dat wij zij begonnen met de toepassing voor kanker.”

“In het lab werkt de chip goed. We gaan nu kijken hoe het met de klinische toepassing zit. Hiervoor moeten we onderzoek doen en dat laten keuren door een speciale commissie. Dat kost veel geld en er gaan maanden overheen voordat het zo ver is. Daarna krijgen we een aantal samples bloed van patiënten om testen mee te doen. We hopen halverwege 2020 de eerste resultaten te hebben. Na het klinische onderzoek mag de chip klinisch gebruikt worden. Een medische toepassing op grote schaal laat dan nog even op zich wachten. Wel kunnen we het product dan bijvoorbeeld verkopen aan onderzoekers die het voor een andere toepassing gaan gebruiken.”

“Voor we in het najaar van 2020 naar Dubai gaan voor de World Expo willen we een klinische proof of concept hebben. Als winnaar van de 4TU Impact Challenge mogen wij Nederland vertegenwoordigen en Dubai. Het zou heel leuk zijn als we daar een investeerder kunnen vinden waarmee we het product echt op de markt kunnen brengen. Een investeerder is tegen die tijd echt nodig. Nu zijn we nog afhankelijk van onderzoeksgeld.”

Wat is je grootste droom?

“Levens redden. Het lijkt ons super mooi om te zien dat artsen beslissingen maken op basis van onze technologie. Die beslissing van de arts redt een leven maar zou zonder onze technologie niet gemaakt kunnen zijn.”

Wanneer is jullie start-up voor jou echt een succes?

“Vanaf het moment dat we één leven gered hebben. Daar doen we het uiteindelijk voor. Al hopen we natuurlijk veel meer levens te kunnen redden. Kostenbesparing is ook belangrijk in de zorg op dit moment. Maar dat is niet onze belangrijkste drijfveer.”

Meer lezen over start-ups? Hier lees je alle afleveringen van deze serie.