© ASML
Author profile picture

In een bijgestelde verwachting stelt Rabobank de groei van de Nederlandse economie voor dit jaar op 0,6 procent. Eerder dit jaar lag de prognose nog wat hoger; het verschil komt grotendeels door de krimp van de economie in het eerste kwartaal. Voor 2024 verwacht de bank een groei van 0,9 procent. “De ruimte om verder te groeien wordt de komende twee jaar begrensd door onder meer personeelstekorten”, zo schrijft de bank. “Een tekort aan personeel belemmert de productie of de activiteiten van bedrijven namelijk vaker dan dat een onvoldoende vraag dat doet.”

Intussen blijft de vraag naar goederen en diensten redelijk op peil, grotendeels gedreven door overheidsbestedingen en consumptie van huishoudens.

  • De Nederlandse economie hapert en zal in 2023 met slechts 0,6 procent groeien.
  • Er komt krimp in een derde van de regio’s, vooral in Noord-Nederland en delen van Noord- en Zuid-Holland.
  • Groot-Amsterdam en Brainport Eindhoven springen er in 2023 positief uit.

De bouw groeit dit jaar het hardst met 3,4 procent. Ook de ICT-sector en zakelijke dienstverlening groeien dit jaar harder dan andere sectoren, zij het dat hun groei afvlakt. “In tijden van macro-economische tegenwind worden bedrijven meer kostenbewust en investeren ze minder in ICT. Daarnaast zien we dat bedrijven in tijden van afvlakkende omzet en minder groei kijken hoe ze efficiënter kunnen werken, bijvoorbeeld door automatisering of digitalisering.”

De grootste krimp voorziet Rabobank in de logistieke sector en de industrie. “Maar let wel, de industrie is een hele diverse sector en de verschillen binnen deze sector zijn groot. Zo verwachten wij dat de omzet van de machine-industrie juist licht zal stijgen in 2023, terwijl de prognoses voor de zware industrie – bijvoorbeeld de chemische industrie – negatiever zijn.” Sowieso presteerde de branche machinebouw binnen de industrie de afgelopen jaren uitzonderlijk goed.

Een derde van de regio’s krimpt in 2023

© Rabobank

De economie in de meeste regio’s groeit in 2023 nauwelijks en voor dertien van de veertig regio’s voorzien we zelfs krimp. Deze regio’s bevinden zich vooral in Noord-Nederland en delen van Noord- en Zuid-Holland (rondom Groot-Amsterdam). De grootste economische krimp is in de regio’s Overig Groningen, IJmond en Zuidoost-Drenthe te verwachten. Dit is deels te wijten aan de lagere opbrengsten uit de delfstoffenwinning, de krimpende industrie en minder gunstige regionale omstandigheden.

Omdat de verwachtingen voor de bouw, ICT en zakelijke dienstverlening gunstig zijn, profiteren de Veluwe en Noord-Overijssel. De ICT-sector en de zakelijke dienstverlening zijn ook groot in Utrecht en Groot-Amsterdam. Daarom valt ook voor deze regio’s het groeicijfer hoger uit dan landelijk. Zuidoost-Friesland (omgeving Heerenveen en Drachten), Delft en Westland, de Veluwe (omgeving Apeldoorn en Wageningen) en Noord-Overijssel (omgeving Zwolle) profiteren van gunstige regionale omstandigheden en groeien daarom naar verwachting ook harder dan landelijk het geval is.

Groot-Amsterdam en Brainport Eindhoven

Brainport Eindhoven (2,2 procent groei) zit op het groeipad van voor de coronapandemie. Groot-Amsterdam is echter hard geraakt door de pandemie en heeft daardoor wel een achterstand opgelopen. Maar die regio groeide vorig jaar alweer hard en ook voor dit jaar voorziet Rabobank een groei van 2,5 procent. Beide regio’s danken hun relatief hoge groeiverwachting vooral aan gunstige regionale omstandigheden, zoals de hoge dichtheid en massa van de economie, clusters van samenwerkende bedrijven, de grote en goed opgeleide arbeidsmarkt en de kennisnetwerken.

Voor de economische vooruitzichten voor Brainport Eindhoven weegt mee dat juist de specialistische hightech industrie het beter doet dan de brede sector industrie. Binnen de industrie is de (keten van bedrijven in de) machinebouw een belangrijke trekker gebleken (met toonaangevende wereldspelers als ASML).