In korte tijd veroverde een kleine groep actievoerders onder de naam #HupHyperloop uit Groningen de harten van de Delftse start-up Hardt Hyperloop. De onderneming moest kiezen tussen twee locaties voor de vestiging van een testcentrum waar de nieuwe zweefmetro uitgeprobeerd gaat worden. De uitslag is bekend: het werd niet Zeeland, maar inderdaad, Groningen. We vroegen initiatiefnemer van het eerste uur, oud-wethouder Joost van Keulen (VVD), waarom hij zo zat te azen op dat testcentrum.

Jij hebt hyperloop gepromoot. Waarom?

„We hadden een club van ondernemers in Groningen die geprobeerd heeft om de Formule 1 naar Assen te halen vorig jaar. Dat is niet gelukt. Maar dat smaakte wel naar meer. Dus toen naar buiten kwam dat Groningen en Zeeland nog in de race waren voor dit testcentrum hebben we de koppen bij elkaar gestoken.”

Van links naar rechts: Max Papo, Hannah Liem, Joost van Keulen, Maja en Stef van der Ziel Foto: Joost van Keulen

Maar waarom wilden jij en die Groningse ondernemers de Hyperloop naar Groningen halen?

„Omdat zij van reuring houden en omdat ze denken: die economie in Noord-Nederland die moet een impuls hebben.”

Je bent 6,5 jaar wethouder economie in Groningen geweest. Heeft dat nog een rol gespeeld?

„Nou ja. Toen we dat persbericht van Hardt zagen, zaten we in twee telefoontjes – niet alleen door mijn contacten maar ook door die van iemand anders – bij de goede ambtenaar van de provincie.”

Wat zei die ambtenaar?

„Hij zei: ga het ecosysteem maar inzetten. Want daar zit Hardt naar te vragen. Dus wij zeiden: wij zíjn het ecosysteem. Je moet je voorstellen: op die campagne voor de Formule 1 zat een kerngroep. En daarachter stonden nog 150 bedrijven.”

Maar wat voor bedrijven zijn dat dan? Bandenbedrijven?

„Bandenbedrijven. Maar het waren er 150, hè. Dus er zat echt van alles tussen. Een tekstkarrenbedrijf, advocatenkantoren. Echt in de volle breedte vanuit Noord-Nederland. Toen dachten we: ‘we gaan nog even campagne voeren’. Gewoon, omdat we het leuk vinden.”

In hoeveel tijd hebben jullie dat dan uiteindelijk gedaan?

„Uiteindelijk was het nog best wel paniekerig. Dinsdag kwam het persbericht uit, woensdag heb ik de kerngroep gebeld. Donderdag had ik uiteindelijk de ambtenaar te pakken. Zaterdag zaten we met de club bij elkaar en hebben we geld voor de online campagne geregeld. Daarbij hebben we de Hardt-fans kalender gemaakt. Het idee was om een soort adventskalender te maken gevuld met cadeautjes van bedrijven uit het ecosysteem hier. Binnen no time deden er al dertig bedrijven mee. Die cadeautjes die ze gaven, varieerden van gratis lidmaatschappen tot een avondje bowlen voor de jongens.”

Modeltekening van het Hyperloop testcentrum dat in 2022 in Groningen zal komen te staan Beeld: Hardt Hyperloop

Maar denk je dat dit er echt voor gezorgd heeft dat Hyperloop in Groningen kwam?

„Nou, nee. Dat kun je nooit zo zeggen omdat er altijd meerdere factoren zijn waarbij geld het voornaamste is en de locatie natuurlijk. Maar het heeft ze in elk geval het gevoel gegeven dat ze hier hartstikke welkom zijn. Dat zal nooit tegengewerkt hebben.”

Wat voor concreet resultaat hoop jij dat er achter blijft na de tien jaar dat het testcentrum in Groningen heeft gezeten?

„Ik hoop dat de regio door de opening van het testcentrum nadrukkelijk op de kaart staat. Dus dat we Groningen internationaal weer eens in beeld brengen. Want dat gebeurt veel te weinig.”

Lees ook: Verkeersminister Van Nieuwenhuizen: ‘Nederland moet de hyperloop-technologie niet laten afpakken door de Chinezen’

Je trekt er belangrijke personen mee zoals een Eurocommissaris of minister die een werkbezoek brengt.

„Zeker, je trekt belangrijke bezoekers. In elk geval kom je onder het vergrootglas van die scene.”

Eurocommissaris Violeta Bulc (in het midden) en minister Cora van den Nieuwenhuizen van verkeer bezochten deze zomer het testterrein van Hardt dat tot nu toe in Delft zit. Foto: Lucette Mascini

Maar wat zou dat moeten opleveren?

„In elk geval dat Groningen in beeld is. En dat de komst van het testcentrum werkgelegenheid oplevert. Als je ziet dat er dit soort dingen gebeuren, gaan mensen eerder kijken van: zal ik daar ook gaan investeren? We hebben dat gezien bij de komst van het Google datacentrum bij de Eemshaven. Dat zorgde er ook voor dat er veel meer aanvragen kwamen van andere partijen die dachten: ‘daar moeten wij ook gaan zitten’.”

Wat voor partijen dan?

„Andere datacentra bijvoorbeeld. Toen dat gebeurde was ik wethouder economische zaken in Groningen. Daar hebben we echt veel contacten aan over gehouden.”

Wat levert het nog meer op?

„Dat testcentrum gaat veel bezoekers genereren. Studenten, mensen die er proeven willen doen – het is immers een testcentrum. Die nemen altijd een klein stukje Groningen mee als ze weer vertrekken.”

Lees hier de andere artikelen over Hyperloop.