Rond de reuzen van de Eindhovense tech scene – Philips, ASML, NXP – bevinden zich honderden beginnende bedrijven, die hun ideeën aanscherpen en hopen de volgende grote naam te worden op het gebied van high tech innovatie. Maar wat is er nodig om van een idee een succesverhaal te maken? Deel twee van onze serie over bedrijven in de gebouwen van Twice: Hoe TUSTI de recycling van kunststoffen probeert te verbeteren.

Lees hier alle verhalen over Twice

TUSTI is een hightech recyclingbedrijf uit de Brainport-regio, gespecialiseerd in het oplossen van recyclevraagstukken en het verwerken van moeilijke afvalstromen. Een van de problematische afvalstromen van dit type is het vette plastic van de recyclingstations die zich bezighouden met gebruikte frituurolie. Grote hoeveelheden vette potten en kratten van hoogwaardig, plastic worden simpelweg verbrand omdat het vette plastic niet kan worden gerecycled. Het reinigen van de hardnekkige olieresten op de kunststof is op dit moment niet mogelijk zonder stoom of corrosieve en ongezonde chemicaliën. TUSTI kwam met de innovatieve technologie om de kunststof te zuiveren van vet, zonder hoge temperaturen of agressieve chemicaliën: kunststof wordt in kleine stukjes versnipperd en met de speciale reiniger gewassen, gedroogd en verpakt in zakken – daarna zijn ze klaar om te worden verzonden naar een recyclingfaciliteit voor kunststof.

TUSTI is in 2015 opgericht als samenwerking tussen Stiphout Industries en de Technische Universiteit Eindhoven – een samenwerkingsverband van ondernemerschap en onderzoek. Vandaag de dag heeft het bedrijf twee patentaanvragen lopen: een voor de eerste generatie reinigingsvloeistoffen en een andere voor de tweede generatie – na verloop van tijd is de reiniger goedkoper en minder vluchtig geworden.

“Op dit moment zijn we bezig met het recyclen van niet-vette post-consumer kunststof – bijna 5000 ton per jaar”, vertelt Jan Kolijn, CTO van TUSTI. “TUSTI begint volgend jaar met het reinigen van olieachtige plastic. Onze huidige recyclingfabriek in Montfort wordt echter te klein voor al onze behoeften, dus ons plan is om een nieuwe faciliteit te bouwen op een nieuwe locatie, met een recyclingcapaciteit van 10.000 ton per jaar – voor zowel vettig als niet-vet plasticafval. Brainport Development en het Innovation Lab van de Universiteit Eindhoven hebben ons geholpen bij het verkrijgen van de financiering voor ons onderzoek en hebben ons naar de Rabobank geleid voor een nieuwe lening die we onlangs hebben ontvangen. Deze lening zal ons helpen de laatste stappen te zetten voor de bouw van onze nieuwe fabriek.”

Naast het plan voor een nieuwe fabriek, werkt TUSTI eraan om het reinigen van de vettige kunststof door hergebruik van het reinigingsmiddel om te zetten in een gesloten kringloopproces. “Een van onze oplosmiddelen kan worden gescheiden van de olie, daarom werken we aan de technologie die dit mogelijk maakt – en we zijn er bijna”, aldus Kolijn. “We kunnen het oplosmiddel en de olie scheiden door het moleculair te zeven: de oliemoleculen zijn vrij groot terwijl de moleculen van ons oplosmiddel veel kleiner zijn. Dat betekent dat als je een ‘zeef’ hebt met gaten die klein genoeg zijn, je de olie uit het reinigingsmiddel kan zeven.” TUSTI start in oktober een pilot met de nieuwe zeeftechnologie.

Het laboratorium waar TUSTI aan hun technologie werkt, is gevestigd in het gebouw Catalyst van TWICE op de Campus van de TU/e. “Het Catalyst-gebouw is een van de weinige faciliteiten in Nederland waar het mogelijk is om zowel het laboratorium als de kantoorruimte te huren, en ze liggen dicht bij elkaar – dat is handig,” zo vertelt Kolijn. “Er zijn ook andere recyclingbedrijven in Catalyst, waarmee we werken aan de ontwikkeling van onze technologieën. Zo hebben we onlangs een project afgerond met Ioniqa. Het doel van het project was om te kijken of de chemische recyclingtechnologie van Ioniqa ons kon helpen met de afvalstromen die niet recyclebaar zijn in onze fabriek. Als je in een gebouw werkt met bedrijven in dezelfde branche, is het veel gemakkelijker om partners te vinden voor je projecten – samen koffie drinken helpt!