Ook deze week kijken we in de rubriek ‘follow-up‘ naar de coronacrisis. Hoe zit het met de ethische kant van al die innovatie die het virus moet indammen?

In landen als China, Taiwan en Zuid-Korea worden locatiegegevens van smartphones gebruikt om contacten in kaart te brengen van personen die positief getest zijn op het coronavirus. Apps controleren of burgers zich houden aan zelfquarantaine of versturen waarschuwings-SMS’jes waarop je na kunt gaan waar een positief geteste patiënt is geweest voor deze was besmet. En in Israël gaat de geheime dienst Shin Bet via telefoongegevens de gangen van besmette mensen na.

In Oostenrijk, Italië, België en Duitsland delen telecombedrijven geanonimiseerde en geaggregeerde gebruikersgegevens, zodat de gegevens niet zijn terug te brengen tot één persoon. Het systeem dat bedrijven hiervoor gebruiken, zendt geen informatie door over individuele klanten, maar vergelijkt het aantal verplaatsingen tussen zendmasten met eerdere momenten. Zo laten de data in Lombardije zien dat de bewegingen groter dan 300 tot 500 meter met zestig procent zijn afgenomen sinds de eerste patiënt werd ontdekt op 21 februari.

In het Verenigd Koninkrijk werken wetenschappers van de Oxford University aan een app waar iedereen die met een positief getest persoon in contact is geweest, wordt aangeraden om in thuisisolatie te gaan. Het gaat om een vrijwillige app en gebruikers kiezen zelf of ze hun data delen.

Politieman of app?

In Polen gaat het er al iets dwingender aan toe. Mensen die in verplichte quarantaine moeten, krijgen de keuze: of een agent controleert of ze zich daadwerkelijk aan de regels houden of patiënten downloaden een app. Deze app verzoekt gebruikers om binnen een bepaalde tijd een selfie te sturen om te checken of ze binnen zijn. Via locatiegegevens in de foto en gezichtsherkenning wordt de identiteit van de persoon gecontroleerd.

Ook in Duitsland klinkt de roep om het gebruik van big data en locatiegegevens steeds luider. Met deze gegevens kunnen besmettingen beter in beeld gebracht worden en verloopt contactonderzoek een stuk sneller, is het idee. Maar er is veel kritiek op deze plannen. Ook in Nederland reageert de Tweede Kamer ook niet enthousiast op hetzelfde voorstel.

Tijdelijke inperkingen

Wanneer mag een overheid rechten als privacy van individuen opzij zetten om een grote groep mensen te beschermen? Philip Frey is ethicus verbonden aan de Universiteit Twente en vertelt hoe hij hierover denkt.

“We zitten nu in een crisis die fundamentele waarden als gezondheid en veiligheid bedreigen. In zo’n situatie ga je andere afwegingen maken. Je komt tot keuzes die ervoor zorgen dat ander dingen als privacy of democratisch beslissen op de tweede plaats komen.”

Maar volgens Frey blijft nog steeds de vraag waar de grens ligt. Ter illustratie haalt hij president Orban van Hongarije aan die deze crisis lijkt te gebruiken om nog meer macht naar zich toe te trekken. “De EU is niet voor niets niet gecharmeerd van dit plan. Hij gebruikt deze crisis om meer invloed op het land te krijgen, puur onder het mom van veiligheid. Je komt dan in een slippery slope terecht, waar bepaalde maatregelen niet worden teruggedraaid na deze crisis.”

Totalitaire staat

Want dat is volgens Frey een belangrijk aspect in de afwegingen die overheden moeten maken. “Maatregelen moeten tijdelijk zijn. Mensen begrijpen dat ze – ondanks dat ze zelf misschien geen direct risico lopen – zich moeten houden aan de regels die nu gelden. Op 1 juni mogen we weer samenkomen, dit is een tijdelijk probleem. Ook moet je goed kijken naar alternatieven. Gaan we vergaande surveillancemaatregelen invoeren naar Chinees model? Of zijn er innovaties die onze privacy minder schaden? Als je het hebt over het gebruik van geaggregeerde telefoongegevens om te kijken of groepen mensen zich houden aan maatregelen zou ik zeggen: geen probleem. Hetzelfde geldt voor in kaart brengen van verspreiding van het virus. Het wordt een andere verhaal als dit terug te leiden is tot een persoon en het wordt gebruikt als middel tot wetshandhaving. Of dat zoiets wordt gebruikt als registratie van huizen waar corona heerst. Dan krijg je vreemde situaties.”

In welk scenario Nederland dit soort maatregelen wel zou invoeren, is lastig te zeggen. Vindt ook Ibo van de Poel verbonden aan de TU Delft. “We hebben geen totalitair systeem. Dus dat de overheid ons gaat verplichten binnen te blijven en dit monitort, past niet in onze samenleving. We zitten nu niet in een situatie waarin dergelijke maatregelen nodig zijn om onze gezondheid te garanderen. Waar de grens precies ligt is een moeilijke afweging. Je zou ook kunnen zeggen dat zo’n systeem als China, waarin alles van bovenuit wordt opgelegd, effectiever werkt in het bestrijden van het virus dan onze vrije samenleving. Maar hoe willen we onze samenleving vormgeven?”

“Vraag je af of de maatregel proportioneel is. Staat de schade in verhouding tot de verbetering in gezondheid? Ik denk dat er op dit moment voldoende alternatieven voorhanden zijn die minder impact op de privacy hebben en net zoveel opleveren. Maar er zijn ook maatregelen te nemen zodat je data kunt gebruiken en de privacy zo min mogelijk schaadt. Betere encryptie van gegevens bijvoorbeeld. Data-architecturen met dynamische consent, waar je altijd kunt aanpassen wat er met je gegevens gebeurt. Of hoe lang het opgeslagen wordt en waarvoor. Ik denk dat we in de Europese Unie over het algemeen een goede balans proberen te vinden tussen privacy en maatregelen.”