Ondanks de middeleeuwse setting biedt de televisieserie Game of Thrones een hoop moderne aanknopingspunten en mogelijkheden voor identificatie, zegt pedagoog en psycholoog Gerald Poscheschnik. Hij nam de plot van de succesvolle serie onder de loep.

Het achtste en het laatste seizoen van Game of Thrones is bezig – en houdt de kijkers aan de buis gekluisterd met zijn middeleeuwse setting, epische gevechten, draken en magie. De televisieserie is een van de meest succesvolle van de afgelopen jaren en weet massa’s mensen te ontroeren. Het verhaal is het gesprek van de dag op feestjes, in blogs, podcasts en krantenartikelen – en op het internet wordt gespeculeerd welke personages de laatste episode zullen overleven en wie er aan het eind op de troon zal zitten.

Collectieve Psyche

Juist het succes van Game of Thrones is voor Poscheschnik, directeur van het Instituut voor Psychosociaal Interventie- en Communicatieonderzoek op de Universiteit van Innsbruck, reden om de plot vanuit het perspectief van de psychoanalyse te bekijken. Zijn aanpak: Wat zegt de serie over de collectieve psyche?

Interpretatie van films is niet ongebruikelijk in psycho-analytisch onderzoek. Een populair onderzoeksobject zijn bijvoorbeeld de films van Alfred Hitchcock, een van de meest invloedrijke regisseurs aller tijden. Zijn meest succesvolle films – zoals Vertigo – bieden veel analytisch materiaal. “Psychoanalyse is altijd geïnteresseerd in de subtekst, dat wil zeggen, in onderwerpen die niet expliciet aan de orde komen. Game of Thrones biedt hier een heerlijk breed veld”, zegt Poscheschnik. “Als je de buitenste laag binnendringt, ontdek je dat de serie een spiegel is van onze samenleving. Bovendien is de popcultuur altijd een uitdrukking van een tijdgeest, soms zelfs een katalysator”, hetgeen volgens de wetenschapper heel goed blijkt uit Game of Thrones.

Succesvolle criteria

Ten eerste voldoet de serie aan alle criteria die succesvolle series onderscheiden: het publiek krijgt een ingewikkeld samenspel van verhaallijnen voorgeschoteld. De personages zijn geloofwaardig in hun ambivalentie. Ze zijn noch onhandig, noch kwaadaardig en laten een ontwikkelingsboog zien. Ook de spanning blijft hoog: “Je wilt weten hoe het verder gaat”, zegt Poscheschnik.

Ruimtelijk gezien bestaat het uit drie locaties. Centraal is Westeros, het belangrijkste continent, dat een Europees middeleeuws karakter heeft. In het noorden schuilt een gevaar dat door de bewoners als een sprookje wordt afgedaan. Het zijn de zogenaamde White Walkers, zombieachtige figuren. Bescherming tegen deze White Walkers wordt geboden door een ijsmuur die als onoverkomelijk wordt beschouwd. In het oosten is Westeros door een zee gescheiden van het aangrenzende continent Essos – een plek vol verwondering en magie.

Onbewust

Poscheschnik benoemt de onbewuste dingen in de scènes en actielijnen die ook de hedendaagse samenleving vormgeven. “Westeros is de wereld in conflict, in verval, gesymboliseerd door de dood van de koning. Er is hier oorlog, er is intrige, er is sprake van moord, zelfs zogenaamd nobele karakters kunnen hier niet veel doen en sterven in de serie”, legt hij uit. Ook in onze hedendaagse cultuur neemt de subjectieve onveiligheid toe en wordt de maatschappij verdeeld. Het is dus niet het plot zelf dat naar de moderne westerse samenleving kan worden ‘vertaald’, maar wel de groepsdynamiek en de stemming.

Het belachelijk gemaakte gevaar in het noorden belichaamt alles wat de mens verdrongen heeft. Waarschuwingen worden pas serieus genomen als het gevaar onmiddellijk aanwezig is. “Dit is een collectief proces”, zegt Poscheschnik, “het individu is machteloos en negeert het gevaar”. Voor de wetenschapper zijn vergelijkingen met echte bedreigingen, zoals de klimaatverandering, duidelijk. Ook het gevaar daarvan is lange tijd ontkend.

Hoop

Essos, aan de andere kant, belichaamt hoop. De koningin die de orde wil herstellen komt daar vandaan. Poscheschnik: “Essos is een projectiescherm voor de hoop op een positieve wending, een oplossing voor conflicten en een verdediging tegen gevaar. In tijden van angst en crisis komt de hoop altijd op en dient ook om ons voorbij het slechte te dragen en ons te troosten – ook een vorm van zelfbedrog, vergelijkbaar met repressie.”