Vertoro's factory ©Vertoro
Author profile picture

In een wereld die snakt naar duurzamere alternatieven voor aardolie, is start-up Vertoro bezig met het schrijven van een nieuw hoofdstuk. De start-up, gevestigd op de Brightlands Chemelot Campus in Geleen, gaat naast de productie van duurzame scheepsbrandstof ook andere chemische en materiaaltoepassingen maken. Onlangs haalde het bedrijf een subsidie van €1.228.665 binnen, afkomstig van het Europese Just Transition Fund. Michael Boot, co-founder en ceo van Vertoro, vertelde aan Innovation Origins wat zij van plan zijn met het geld.

  • Vertoro maakt duurzame brandstof voor de scheepvaart.
  • Met de subsidie kunnen zij zich ook gaan richten op andere toepassingen van de aardolievervanger.

De bio-olie van Vertoro

Vertoro is een spin-off voortgekomen uit een publiek-privaat samenwerkingsverband tussen Brightlands Chemelot Campus, DSM, Chemelot InSciTe, Universiteit Maastricht (UM) en de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e). Het bedrijf produceert vloeibare lignine uit duurzaam verkregen hout- en landbouwresiduen (bijvoorbeeld zaagsel) met behulp van een gepatenteerd thermochemisch proces. Net als fossiele olie kan vloeibare lignine dienen als basis voor brandstof, chemische en materiaaltoepassingen.

Nog gefeliciteerd met het binnenhalen van de subsidie!

“Dankjewel, ik heb de cheque hier voor me liggen. We zijn er meer dan blij mee.”

Hoe gaat het met Vertoro?

“Het gaat heel goed. We hebben met onze demonstratiefabriek in Geleen een schaalvergroting van maar liefst duizend keer gerealiseerd. We produceren jaarlijks één kiloton lignine-olie, die gebruikt kan worden als scheepsbrandstof.”

Wat gaan jullie doen met de subsidie?

“We kunnen van onze olie nu al brandstof maken voor de scheepvaart, maar we kunnen er eerst ook nog andere interessante moleculen van maken. Dat gaan we doen door middel van een innovatief scheidingsproces. De moleculen die wij produceren kunnen andere bedrijven dan weer gebruiken voor onder andere (materiaal)toepassingen. Denk bijvoorbeeld aan een vanilleachtige molecuul die kan dienen als smaakstof. Dankzij de subsidie kunnen we dit proces in gang zetten.”

Tegen welke uitdagingen verwacht je aan te lopen bij de toepassing van deze nieuwe technologie?

“Tegen heel wat. Zo moeten we ervoor zorgen dat de biomassa die we gebruiken nergens aan vast blijft plakken of ergens ophoopt in de reactor. Deze moet optimaal reageren met het oplosmiddel (duurzame methanol of ethanol) die we gebruiken in ons proces om zo de lignine-olie te kunnen produceren. We gaan de komende tijd kijken hoe we dat proces zo soepel mogelijk kunnen laten verlopen.”

Waar ben je tot nu toe het meest trots op?

“In 2021 slaagden we erin om MAERSK, de op een na grootste rederij ter wereld, aan boord te halen als investeerder. Dat is iets waar we het meest trots op zijn, omdat het een bevestiging is vanuit de markt dat we relevant zijn voor de sector.”

Waar gaan jullie je komende jaren op focussen?

“We verwachten dat de eerste vaten olie eind dit jaar van de productielijn rollen in Geleen. Maar er staan nog veel meer spannende dingen te gebeuren. We gaan ons richten op de bouw van onze eerste commerciële plant in Rotterdam. Deze moet ongeveer tien keer zo groot worden. Er is dus zeker weten genoeg werk aan de winkel.”

Samenwerking

Dit artikel is gemaakt in een samenwerking tussen Eindhoven University of Technology en onze redactie. Innovation Origins is een onafhankelijk journalistiek platform dat zijn partners zorgvuldig uitkiest en uitsluitend samenwerkt met bedrijven en instellingen die achter onze missie staan: het verhaal van innovatie verspreiden. Op die manier kunnen wij onze lezers waardevolle verhalen aanbieden die volgens journalistieke richtlijnen tot stand zijn gekomen. Wil je meer weten over hoe Innovation Origins samenwerkt met andere bedrijven? Klik dan hier