Op tafel verschijnt een stapeltje verfrommelde post-its. “Dit is de brainstorm van vorige keer”, zegt vierdejaarsstudent Wessel Willems terwijl hij de papiertjes gladstrijkt. Hij is niet alleen in de oude fabriekshal, samen met zo’n veertig andere studenten van verschillende hogescholen zijn ze voor de derde avond bij elkaar in het Innovation Makers Agrofood-programma van de provincie Noord-Brabant. In teams werken de studenten in hun eigen tijd aan oplossingen voor bedrijven uit de agrofoodsector. Van grote uitdagingen als: hoe verminder je voedselverspilling? En hele concrete uitdagingen: kun je een geautomatiseerd monitoringsysteem voor varkens ontwikkelen en vroegtijdig gezondheidsproblemen oplossen? Tot vragen die toekomstmuziek lijken: Kun je voedsel verbouwen op Mars?

Willems werkt met zijn groepje aan een oplossing voor Marel, een machinebouwer in de vleesindustrie. “Zij leveren machines over de hele wereld. Iedere dag kunnen ze een vliegtuig vol controleurs de wereld rondsturen. Zij zouden van ons iets met virtual reality of augmented reality willen. Dan kunnen ze op afstand controleren en hoeven ze niet meer overal naartoe te vliegen”, legt hij uit. De vorige bijeenkomst is zijn team bezig geweest om zoveel mogelijk ideeën op te schrijven, zonder na te denken of die wel uitvoerbaar zijn.

Lees ook: Studenten leren door te doen

Tijdens deze bijeenkomst krijgen ze een lesje analytisch denken en ontleden van problemen in verschillende onderdelen. “Hierdoor kunnen ze structureren en uitvinden wat nog ontbreekt. Het zorgt voor overzicht”, vertelt George Parker, illusionist en mentalist. Parker probeert de studenten op een andere manier te laten denken. “Bij het nadenken over problemen zijn we geneigd ons vast te houden aan een bepaalde mening. Dat leidt automatisch tot dezelfde ideeën. Ik probeer ze mee te geven dat je tot verrassende ideeën kunt komen als je dit weet los te laten.”

Technische kennis noodzakelijk voor oplossing?

Het team dat werkt voor Marel heeft wel een aantal oplossingen in gedachten. “Maar het ontbreekt ons aan technische kennis. We weten niet of het haalbaar is”, vertelt Jeffrey van Noord. Hij zit in de afrondende fase van zijn studie Tuin- en Akkerbouw aan de HAS en doet mee aan deze challenge ‘omdat het interessant is iets voor een bedrijf te bedenken’.

Om het team verder op weg te helpen, geeft Parker een duwtje in de juiste richting: “Toen Steven Spielberg de eerste Jurassic Parcfilm maakte, was hij niet tevreden over de dino’s. Die werden met stop-motion gemaakt, maar hij wilde iets overtuigenders. Hij miste de precieze technische kennis, maar wist wel wat hij wilde. Hiermee is het grafische team aan de slag gegaan en hebben dino’s via de computer geanimeerd. Je kunt dus zonder ergens technische kennis van te hebben toch een voorstelling maken van hoe iets eruit moet komen te zien.”

Landbouw en voedselproductie veranderen

Innovation Makers Agrifood is een initiatief van de Provincie Noord-Brabant en brengt jong talent en bedrijven in contact met elkaar. “Door nieuwe technologie verandert de landbouw, het voedselsysteem en de manier waarop we voedsel produceren. Dat is ook nodig want we willen met zijn allen naar een duurzame en circulaire economie. Ook in de landbouw”, vertelt Janny van der Heijden, programmamanager Agrofood & Innovatie bij de provincie. “Bedrijven lopen steeds vaker tegen duurzaamheidsproblemen aan en jong talent wil graag bijdragen aan oplossingen. Ook is het een mooie mogelijkheid om al bij bedrijven binnen te kijken en samen te werken tijdens hun studie.”

De teams krijgen vanuit deelnemende bedrijven begeleiding en spreken regelmatig af om de voortgang te bespreken. Tijdens bijeenkomsten zoals deze, bespreken ze ideeën, geven elkaar feedback en krijgen ter inspiratie verschillende praktijkvoorbeelden. “Met deze voorbeelden en tips van hun bedrijfscoach kunnen ze aan de slag. Het de bedoeling dat ze in december een proof of concept presenteren”, aldus Van Der Heijden.

Wat voegen studenten aan de bedrijven toe?

Volgens Van Der Heijden hebben studenten een ‘frisse blik’ en willen ze het beste voor de planeet. Ook Natasha Hofman, student voedingsmiddelentechnologie, sluit zich hierbij aan: “Binnen een bedrijf zie je vaak dat mensen vastgeroest zitten in hetzelfde patroon. Ze kunnen het probleem maar van één kant bekijken. Tijdens stages merkte ik dat ideeën die van studenten komen vaak als supervernieuwend worden gezien, terwijl wij er onder elkaar de schouders over ophalen ‘zo nieuw is zo’n idee niet’. Hieraan merk je dat je als student toch op een andere manier naar problemen kunt kijken.”

Het verschil tussen de ideeën van de teams is groot. Waar het ene team nog heel conceptueel denkt, hebben anderen het al over een product. Want van visresten zou je een smaakversterker kunnen maken, toch? “Visbouillon gemaakt van reststromen daar is niets bijzonders aan”, zegt Olivier van de Voort. “De kunst is hoe we dit kunnen opwaarderen, misschien is er wel een manier om uit die resten Omega-3 te halen en in de bouillon te stoppen. Dat werkt beter dan het duurzaamheidsverhaal”, weet de student.

‘Ergens aan werken waar je hart sneller van gaat kloppen’

Aan een andere tafel zit Sophie Wijnen, zij zit in haar laatste jaar van haar studie voedingsmiddelentechnologie en specialiseert zich in duurzaamheid. “1 + 1 = 2, hè, dit sluit precies op m’n studie aan. Ook dat we iets mogen bedenken dat misschien daadwerkelijk uitgevoerd gaat worden, vind ik belangrijk. We kunnen echt impact maken.”

Ook haar studiegenoot Joost Huigens is het hiermee eens: “Het is goed voor je netwerk, je ontmoet weer andere type mensen dan tijdens de studie. En misschien wel het belangrijkste: je kunt ergens aan werken waar je hart sneller van gaat kloppen. In ons geval is dat iets doen aan voedselverspilling.” Met zijn tweeën werken zij aan een soort marktplaats voor voedselreststromen voor MVO Nederland. “We proberen een oplossing te vinden waar zoveel mogelijk bedrijven bij aanhaken. Dat is best lastig, merken we, omdat de verschillende producenten en ketens niet allemaal met elkaar in contact staan.”

Hier de andere bedrijven en hun uitdagingen waar studenten aan werken.