Volgende week – 2 juli – vindt het tweede “e52 Verlicht Ontbijt” plaats. Het vaste recept: een frisse start van de dag met energierijke voeding voor lichaam en geest. Het onderwerp dit keer: de nieuwe binnenstad van Eindhoven. Ter voorbereiding op die bijeenkomst spraken we met Cees-Jan Pen, lector Brainport aan de Fontys Hogeschool in Eindhoven. Hij werkte mee aan de voorbereidingen voor de nieuwe binnenstadsvisie. Een interview in twee delen.

Cees-Jan Pen (foto (c) Fontys)

Cees-Jan Pen (foto (c) Fontys)

Hij zou zonder al te veel fantasie de nationale leegstandslector genoemd kunnen worden. CeesJan Pen is dé expert op het gebied van nuttig gebruik van bestaand vastgoed en van bestaande gebieden. Hij laat zich vooral horen als er weer eens ergens grootse plannen voor bijvoorbeeld nieuwe bedrijventerreinen ontstaan. Steevast wijst hij de bedenkers dan op onbenutte kansen op de bestaande terreinen. Zeker ook in Eindhoven. “Juist oude gebouwen hebben nieuwe ideeën nodig en die zijn er in de slimste regio volop. Zo versterk je de concurrentiekracht”, aldus Pen.

Pen roert zich op alle podia die hem daarbij ten dienst staan. Twitter, onderzoeksrapporten, presentaties en artikelen in vakbladen, hij zet alles in om zijn punt te maken. “De vastgoedmarkt zal moeten verduurzamen en binnensteden en werklocaties moeten hoger op agenda van de Brainportregio”, vindt hij. Hij doet dat nu eens namens en dan weer zonder opdrachtgever, maar altijd in onafhankelijkheid: “Dat is juist de kracht van een regionale kennisorganisatie als Fontys.”

Baskets

Qua voorzieningen – met name op winkelgebied – staat de Eindhovense binnenstad er goed voor, constateerde Pen in de aanloop naar de opstelling van een nieuwe binnenstadsvisie. “De keuze van de Bijenkorf om in Eindhoven te blijven is wat dat betreft veelzeggend. Maar dat is niet genoeg. De binnenstad zou veel bruisender moeten worden.” Juist op het gebied van beleving en de invulling van de openbare ruimte zelf kan er nog veel gebeuren.

Het is goed dat de Bijenkorf nog in de stad zit, maar het mag allemaal wel wat bruisender

Het is goed dat de Bijenkorf nog in de stad zit, maar het mag allemaal wel wat bruisender

En dan gaat het niet alleen om het ophangen van wat baskets. Pen: “Nee, integendeel. Veel basaler: het moet schoon, heel en veilig zijn. Als ik door Helmond loop, merk ik dat die stad op dat vlak verder is dan Eindhoven. Als ik daar mijn broodje op de grond laat vallen, zou ik het zo weer oppakken en opeten. In Eindhoven zou ik daar wat meer moeite mee hebben.”

Als ik in Helmond mijn broodje op de grond zou laten vallen, zou ik het zo weer opeten. Niet in Eindhoven.

“Schoon, heel en veilig” werkt volgens Pen ook door naar de winkeliers. “Je zou het zelfs in een soort overeenkomst kunnen gieten: wij zorgen voor betere bestrating, rolstoelvriendelijke paden en meer groen, halen jullie dan die foeilelijke gevelreclames weg? Als de gemeente daarbij pakweg een kwart van de kosten voor haar rekening neemt als eigenaren een pand en gevel fors opknappen en verven, zijn we er volgens mij snel uit.”

Ook de inrichting van pleinen als opvangplekken bij hoosbuien kan bijdragen aan een betere openbare ruimte. “In Rotterdam hebben ze dat heel mooi opgelost met het Zuidplein. Een heerlijke waterplek na een regenbui en daarbuiten een creatieve plaats waar van alles kan ontstaan.”

Fontys

Zijn huidige werkgever, Fontys hogescholen, zou zelf ook wel wat kunnen bijdragen aan de verlevendiging van de binnenstad. “Niet dat we ons hele gebouwencomplex zouden moeten verplaatsen naar een plek binnen de binnenring, nee, maar we zouden wel slimmer gebruik kunnen maken van de aanwezige leegstand. Incidenteel onderwijs geven in lege winkelpanden, of bijvoorbeeld een groep tweedejaars marketing de opdracht geven om op locatie te gaan nadenken over oplossingen voor een beter gebruik van bijvoorbeeld een aanloopstraat in de binnenstad. Met als dubbel effect dat de binnenstad verlevendigt en dat Fontys zelf zichtbaarder wordt voor de Eindhovenaren.”

Morgen deel 2 van dit interview: het station als magneet