Author profile picture

De discussies over kerncentrales zijn meestal vrij zwart-wit. Voor- en tegenstanders staan lijnrecht tegenover elkaar. Wie van de twee wint, is nog onduidelijk. Maar er is wel een duidelijke trend: de lijst met nieuwe kernenergieprojecten groeit snel.

Dat geldt in het bijzonder voor kleine modulaire kerncentrales, of SMR-reactoren. Er zijn zeker 70 bedrijven in de wereld bezig met deze technologie. Daaronder bevindt zich onder andere Terrapower uit de VS dat wordt medegefinancierd door Microsoft-oprichter Bill Gates. In Frankrijk hebben een aantal bedrijven de handen ineengeslagen voor het project “NUWARD” en in het Verenigd Koningrijk is Rolls Royce bezig met de ontwikkeling van kleine kerncentrales.

De afgelopen week viel Polen op met twee opdrachten tegelijkertijd. Een van het Poolse mijnbouwbedrijf KGHM dat minstens vier en misschien twaalf van deze SMR-reactoren wil bestellen bij het Amerikaanse Nu Scale Power, een dochter van de Fluor Corporation.

Lees hier ons verhaal over het KGHM-project.

Tegelijkertijd heeft een ander Pools bedrijf, chemieproducent Synthos, een voorcontract ondertekend met een groep Canadese en Amerikaanse bedrijven voor zogenoemde BWRX-300 reactoren. Het gaat om de bedrijven Cameco, GE Hitachi Nuclear Energy en GEH SMR Technologies Canada.

Artist impression BWRX-300 reactor. Foto GE Hitachi Nuclear Energy

In de kinderschoenen

Geert Verbong, hoogleraar aan de TU Eindhoven, is nog niet overtuigd. “Feit is dat dit soort SMR-reactoren nog nooit ergens op grote schaal zijn toegepast”, zegt hij. Ze zitten in de experimentele fase. Daarnaast stoten ze volgens hem op dezelfde problemen als bestaande en nieuwe generatie grote kerncentrales. “Dat betekent dat de tegenstanders er niks in zullen zien.”

Het enige grote voordeel dat Verbong ziet, is dat kleine modulaire reactoren wellicht goed inzetbaar zijn als flexibele energie-basisvoorziening. Een nadeel van grote kerncentrales is dat ze, vanuit een kostenoogpunt, alleen interessant zijn als ze verzekerd zijn van een vaste elektriciteitsafname. Maar dat is nou net het lastige bij duurzame energie. Er zijn periodes met veel wind- en zonne-energie en periodes waarin het minder is. Kleine SMR-reactoren zijn misschien geschikt om die gaten op te vullen. Grote kerncentrales zijn daar te duur voor.

In het geval van de SMR-reactorprojecten loopt de omvang nogal uiteen. De SMR-reactoren die KGHM heeft aangeschaft, zijn relatief klein met 77 Megawattuur (MWh) per centrale. Bij de BWRX-300 reactoren gaat het om veel meer, namelijk 300 MWh. Dat is weinig voor een kerncentrale (meestal 800 MWh of meer), maar het gaat nog altijd om genoeg elektriciteit voor ongeveer 300.000 huishoudens.

Canada

De Canadese kernenergiedeskundige Marcel de Vos – een kind van Nederlandse migranten – is wat positiever over de vooruitzichten. Ook hij zegt dat het een techniek is die nog verder ontwikkeld moet worden.  Hijzelf is daar namens de Canadese toezichthouder CNSC niet direct bij betrokken, maar wel indirect. CNSC is degene die in Canada vergunningen afgeeft voor nieuwe kerncentrales.

Er wordt daarbij nauw samengewerkt met het Internationaal Atoomagentschap IAEA en toezichthouders en ingenieurs uit andere landen, net name de VS en het Verenigd Koninkrijk. “Het doel is om de technische voorschriften en veiligheidsmaatstaven te verbeteren en zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen.”

Huidige stand van zaken is dat het er voor de SMR-reactoren niet zo slecht uitziet volgens De Vos. “Ik zie technologisch potentieel voor deze nieuwe reactorontwerpen met verbeteringen op het gebied van veiligheid, gemak van bediening en onderhoud en management van afvalstromen. Ik zie ook geen reden waarom dit soort centrales niet geschikt zouden zijn voor een dichtbevolkt land als Nederland. In China zijn ze een dergelijke faciliteit nu al aan het bouwen en in Canada zijn er twee projecten in de vergunningsfase.”

Het gaat daarbij om een micro-kerncentrale van slechts 5 MWh van Chalk Rivers Laboratories en het Darlington New Nuclear Plat Project (300 MWh).

Yale Climate Connections

Interessant is dat er in Noord-Amerika minder gesproken wordt over het gevaar van kernongelukken of het problematische opslaan van nucleair afval. Het gaat meer over kosten en andere milieuproblemen. Dat blijkt onder andere uit een documentaire van Yale Climate Connections.

De geïnterviewde energie-experts in deze documentaire zien als grootste milieunadeel van SMR-reactoren dat ze veel water verbruiken, wat een schaars goed is, zeker als de aarde verder opwarmt.

Saul Griffith, een Australisch-Amerikaanse uitvinder en CEO van Other Lab, wijst er op dat kernenergie in vergelijking met andere energievormen relatief veilig en betrouwbaar is. “Maar politiek is er natuurlijk veel tegenwind en persoonlijk maak ik me zorgen of er genoeg koelwater beschikbaar is.” Op de lange termijn betwijfelt hij of schone en betrouwbare kernenergie kan concurreren met wind- en zonne-energie.

Daniel Kammen, een kernfysicus van de University of California Berkeley, hoopt dat er een plek is voor kernenergie in de toekomstige energiemix. “Maar er moet nog veel onderzoek worden gedaan om het concurrerend te maken.”

Arjun Makhijani van het Institute for energy and Environmental Research is negatief. Hij ziet maar een reden waarom er plots zoveel aandacht is voor kleine kerncentrales, “Dat is omdat de grote centrales zijn mislukt”. Een ander nadeel volgens hem is de factor tijd. Het duurt misschien nog wel tien jaar voor de SMR-reactoren op grote schaal veilig kunnen worden ingezet. Voor het klimaat is dat te lang, bovendien zit het er dik in dat tegen die tijd zonnepanelen en windmolens veel goedkoper zijn dan nu.

Bill Gates

Een van de meest prominente voorstanders van SMR-reactoren is de oprichter van Microsoft, Bill Gates. Eerder dit jaar gaf hij in een interview met CNN-reporter Anderson Cooper aan dat de wereld grote technologiedoorbraken nodig heeft om het klimaatprobleem op te lossen. Gates ziet daarbij zeker ook een rol weggelegd voor SMR-reactoren.

Gates investeert daarom in het bedrijf Terrapower. Hij investeert overigens in veel meer bedrijven die zich richten op groene technologieën, variërend van bedrijven die CO2 opslaan tot bedrijven die vleesvervangers maken.