Met de opmars van de elektrische auto neemt ook het aantal daarvoor benodigde accu’s op de Nederlandse wegen toe. Dat stelt niet alleen de industrie maar ook bergings- en recyclingbedrijven voor nieuwe uitdagingen. Op de tweede Battery Day, deze week georganiseerd op Automotive Campus Helmond bespraken deskundigen brandende kwesties rond het thema: hoe je accu’s moet opslaan, vervoeren en – in het geval van een calamiteit – moet blussen. Maar ook: hoe de afhankelijkheid van China bij de productie van accu’s kan worden verkleind. Innovation Origins sprak met organisator Jan Wouters, manager Green mobility van AutomotiveNL, de clusterorganisatie van de Nederlandse automotive industrie.

Jan Wouters, manager Green mobility van AutomotiveNL

U noemde accu’s een gevoelig thema. Leg eens uit.
“De gevoeligheid is er aan twee kanten: accu’s en daarmee elektrisch rijden vormen een bedreiging voor traditionele autofabrikanten die hun verdienmodel hebben in verbrandingsmotoren. Kennis is kapitaal en een fabrikant die zijn kennis in verbrandingsmotoren heeft zitten, gooit dat niet graag weg. Als de transitie zich doorzet, worden een hele hoop machines waardeloos, en dreigt geld te worden verspeeld. Het thema is ook gevoelig omdat de ontwikkelingsrichting redelijk duidelijk is maar de ontwikkelingssnelheid niet.  Je ziet dat verschillende innovatiepartijen die kort geleden aangaven grote investeringen te willen doen, zoals Bosch, terughoudend zijn geworden omdat ze het lastig vinden de situatie over een paar jaar te voorspellen. De solid state batterij is inherent veilig, maar de investeringen hierin blijven achter. De partijen die daarbij betrokken zijn, willen niet dat de enorme fabriek die ze daarvoor moeten bouwen, morgen alweer verouderd is. Daarom zeggen ze: jongens doe een beetje rustig aan.Een andere gevoeligheid ligt op het terrein van de winning van de zeldzame aardmaterialen die nodig zijn om lithium-ion accu’s te maken. Hebben we voldoende kobalt en lithium om aan de vraag te voldoen of gaan we straks accu’s zonder kobalt maken?”

En daarbij zijn er nog zorgen over de manier waarop de materialen worden gedolven, zoals Amnesty International laatst stelde.

“Dat in Congolese mijnen kinderen van 4, 5 jaar oud kobalt moeten delven, is natuurlijk een schande. Gelukkig probeert de auto-industrie daar iets aan te doen, door bijvoorbeeld via blockchain te achterhalen waar hun producten vandaan komen en wie eraan heeft gewerkt. Op die manier kun je die landen op de lange duur dwingen hun zaken netjes te regelen. De zorgen zijn enerzijds volledig terecht, anderzijds mag je een nieuwe technologie daar nog niet op afrekenen. Je kunt dat nooit vergelijken met een technologie die 100 jaar in de lead is, en waarvan het productieproces is geoptimaliseerd.
Ook marketingtechnisch is het voor bedrijven belangrijk aan duurzaamheid te doen. Zelfs als daar niet direct geld mee wordt verdiend. Want wie duurzaam is, wordt op de arbeidsmarkt gezien als innovatief en heeft een voordeel in het gevecht om de beste studenten en werknemers. In die zin is duurzaamheid een must.”

Hoe zal de vraag naar accu’s zich de komende jaren ontwikkelen?

“Wat nu heel spannend is: wordt de batterij-auto inderdaad veel goedkoper? Als dat gebeurt, en deskundigen verwachten dat dit rond 2025 het geval zal zijn, zullen veel mensen willen overstappen. Als de markt dan enorm gaat groeien, ontstaat er een enorme druk op de bevoorrading van die materialen. Als de productie moet worden verdubbeld dan duurt dat vier jaar. Het probleem zit niet zozeer in de voorraden maar meer in de productiecapaciteit.”

Waarom is Battery Day belangrijk voor Automotive Campus Helmond?

Pieter Rahusen, Aquisiteur en new business developer van Automotive Campus: “Als campus staan we middenin een maatschappelijke ontwikkeling over de verduurzaming van mobiliteit. Aan de ene kant zie je dat een clusterorganisatie als AutomotiveNL kennis en netwerk meebrengt. Aan de andere kant zie je ook dat zich op de campus steeds meer partijen vestigen die zich bezighouden met battery management. Ook in het onderwijs wordt nu die omslag gemaakt. Als je nu bij het Fontys Summa College binnenloopt zie je nog een versnellingsbak en een verbrandingsmotor staan. Maar dat curriculum verandert snel en binnen tien, twintig jaar werken die studenten aan elektromotoren. De ontwikkelingen van de batterij en het gebruik ervan gaan zo snel dat het belangrijk is dat onderwijs daar ook snel op in kan haken. Daarom is het zo belangrijk dat onderwijs hier op de Campus direct in contact staan met de nieuwste ontwikkelingen. Dat noemen we ook wel de triple helix gedachte die onze brainport regio zo sterk maakt. Dat vind ik het mooie aan het campus ecosysteem.”