“I Love Running” stond er op het shirt. Fluoriserend gele letters op een paars vlak. Daarboven een blonde paardenstaart en een stralende lach. Voor mij ging dat niet op. Die stralende lach niet, maar vooral het “Love”-gedeelte niet. Ik zat stuk op zo’n 7 kilometer en mijn gezicht zal pijnlijke trekken getoond hebben. I love helemaal geen hardlopen maar vind dat ik toch iets aan beweging moet doen. Ter compensatie van de dingen die ik wel love. I love bourgondisch leven. Hardlopen zodat ik daarna met een zelfvoldaan gevoel op de bank kan ploffen. Dat belerende stemmetje in mijn hoofd.

Op een zondagochtend is het overladen met lopers in de straten van Eindhoven. Sportieve en minder sportieve stadsgenoten duiken de Genneper parken in of draaien rondjes rond de Karpendonkse plassen. Als motorrijders groeten we elkaar. Een klein knikje. Zelf loop ik liever door het stadscentrum. De stilte die er dan heerst is rustgevend. Futloze jongelui verzamelen zich voor de een hotel-ingang, brak van het vrijgezellenfeest de avond ervoor. De opmerkingen zijn consequent en nimmer origineel: “zet ‘m op Jongen..,  ge bent er bijna!”

“Zet ‘m op Jongen..,  ge bent er bijna!”

De high-tech industrie heeft de hardloopsport omarmd. Hartslagmeter, GPS-tracker, passende muziek op het bij mij passende bpm-ritme. Dat is ook niet verwonderlijk als je bedenkt dat alleen al in Nederland zo’n 4 miljoen mensen regelmatig hun loopschoenen aantrekken. Dat zijn ook 4 miljoen mensen die enthousiast gehouden moeten worden, want laten we eerlijk zijn: hardlopen kan enorm verslavend maar ook enorm eentonig en vervelend zijn.De complimenten die je na je rondje krijgt van je Running-app, “good job, well done”, kunnen niet blijvend motiveren. Dat moet beter kunnen.

Een app die mijn route aanpast zodra er een stortbui dreigt, is al heel wat. Schoenen die mij waarschuwen wanneer overbelasting dreigt. Slimme zolen. Maar ik wil meer. Ik wil zoek een ultieme drive om van die bank af te komen. Ik wil augmented reality. Hoewel we niet zo veel meer horen van dit concept, zou het voor mij de uitkomst zijn om hardlopen enerverend te houden. Met een herboren google-glass of liefst helemaal zonder zo’n bril, zie ik beelden op en langs de route die ik loop. Rennen met een horde joelende cheerleaders langs de kant klinkt aantrekkelijk. Hardlopen met een stel zombies achter je aan moet ongetwijfeld opgejaagd en motiverend werken. De Genneper parken ombouwen tot een wit strand en azuurblauwe zee – copacabana aan de Dommel. Ik zie kansen.

Maar goed, ondertussen moet ik wel mijn schuldgevoel kwijt. Ik trek dus mijn low-tech schoenen maar weer aan. Gewoon met mijn oordopjes via de Stratumsedijk de stad in. Ge bent er bijna!