© David Parry/PA
Author profile picture

Met één stamcel van een koe kun je duizenden kilo’s vlees kweken. In theorie is het zelfs mogelijk om in bioreactoren van 25000 liter genoeg vlees te kweken waar tienduizenden mensen een jaar van kunnen eten. Waarom gebeurt het dan nog niet?

In 2013 werd de eerste burger van kweekvlees in Londen gepresenteerd. Mark Post, verbonden aan de Universiteit van Maastricht, kweekte de burger met financiële steun van Google-oprichter Sergey Brin. Het stukje vlees kostte ruim 250.000 euro. Nu, zo’n 5 jaar later is die prijs al flink gezakt: “Voor een kilo kweekvlees zou je rond de 60 euro betalen”, vertelt Post tijdens het vierde internationale congres over kweekvlees in Maastricht. Hier komen wetenschappers, investeerders, ondernemers en belangengroepen samen om te praten over de laatste onwikkelingen in onderzoek en regelgeving.

Dat we nog niet massaal zijn overgestapt op kweekvlees komt niet alleen door de kosten. Want om het vlees op industriële schaal te kunnen kweken is het nodig om van het kalfsserum af te komen dat nu wordt gebruikt. In dit serum dat bloed van ongeboren kalfjes bevat, zitten veel verschillende soorten eiwitten die de celdeling van stamcellen bevorderen. Dit is de manier waarop vlees ‘groeit’. Maar het gebruik van kalfsserum is omstreden, daarom zoekt de wetenschap naar alternatieven waar de eiwitten van een andere bron komen. Voorbeelden zijn er al: fermentatie van microben of extracten van schimmels. Ook is het mogelijk om bacteriën genetisch te manipuleren zodat ze eiwitten produceren. “Kalfsserum is niet diervriendelijk en er is niet genoeg van om op grote schaal vlees te kweken, zeker wanneer de veestapel gaat krimpen als we meer de overstap maken naar kweekvlees. We hebben alternatieven, maar die moeten ook toepasbaar zijn op grote schaal. Daar zit de grote uitdaging”, geeft Post aan.

Mark Post in het lab in Maastricht. (c) Universiteit Maastricht

Frankenmeat

Een andere uitdaging is of consumenten vlees uit een lab zullen accepteren. “Het lijkt wel of ze iedere dag een andere mening hebben”, grapt Chris Bryant. Bryant is verbonden aan de Universiteit van Bath in Engeland waar hij onderzoek doet naar hoe consumenten naar kweekvlees kijken. “Uit onderzoeken over heel de wereld komt steeds net iets anders. In het ene onderzoek willen vrouwen er niets van weten, terwijl een ander onderzoek weer laat zien dat mannen geen kweekvlees willen.” Waarom dat zo is, heeft de wetenschapper geen antwoord op. Bryant geeft wel aan dat hoe meer mensen weten over kweekvlees en de gedachte erachter, hoe sneller ze aan het idee wennen om het te eten.

“Mensen die er niets van weten, zijn eerder geneigd te zeggen dat het onnatuurlijk frankenmeat is omdat het uit een lab komt. Terwijl mensen met meer kennis over kweekvlees aangeven dat het diervriendelijk is, beter voor het klimaat en ze zien het als een mogelijke oplossing voor het voedselprobleem en om die redenen het zouden eten. Dat is goed denk ik; er komt steeds meer informatie over waardoor ze het minder als een eng science fiction product zien. Er gaat een tijd komen dat kinderen een koe zien en vragen: waren koeien vroeger echt voor vlees?”

Cultured beef conference Chris Bryant
Chris Bryant vertelt over consumenten acceptatie van kweekvlees

Regelgeving

Maar dat duurt nog wel even, want regelgeving rond kweekvlees is er nog niet. Het valt onder een nieuw product en moet aan allerlei eisen voldoen. Volgens Europese wetgeving duurt dit zo’n 9 tot 24 maanden. “Er moet een dossier worden aangelegd waarin voedselproducenten aantonen dat het product veilig is, het mag consumenten niet misleiden en moet dezelfde voedingsstoffen bevatten als het originele product -vlees in dit geval”, vertelt Karin Verzijden. Verzijden is jurist en gespecialiseerd in regelgeving in de voedsel en-pharma industrie. Zij raadt aan dat producenten of ontwikkelaars van kweekvlees al in een vroeg stadium met beleidsmakers praten. Ook Elizabeth Derbes van The Good Food Institute sluit zich hierbij aan: “Maak duidelijk wat de risico’s kunnen zijn en vertel hoe je ze op kan lossen als er iets fout gaat.”  

Dat is volgens Post een lastige: “De EU is op dit moment erg terughoudend, ze zijn bang uitspraken te doen. Misschien willen ze geen herhaling van het bio-brandstof scenario, waar ze te snel een besluit hebben genomen. Zeker als het gaat om genetisch gemanipuleerde oplossingen (bijvoorbeeld voor kalfsserum) houden ze de boot af. Dat helpt natuurlijk niet voor de ontwikkeling.” Maar hij blijft positief: “Ik zie die terughoudende houding steeds meer veranderen. Kweekvlees zal niet meteen traditioneel vlees vervangen, het zal eerst een luxe product worden dat zich doorontwikkelt tot een product voor iedereen.”

Hoofdfoto: David Parry/PA