De Duitse klimaatexpeditie naar de Larsen C-ijsplaat op Antarctica is afgebroken. De reden is dat de ijsschotsen op dit moment te dik zijn: op enkele plaatsen tien meter. Te dik voor het expeditieschip Polar Stern.

“We hebben zeven dagen geprobeerd om ons een weg door het ijs te banen”, zegt kapitein Thomas Wunderlicht, “maar de ijsomstandigheden lieten ons geen andere keuze.”

De Polar Stern vertrok op 9 februari juist naar het zuidpoolgebied om de invloed van de opwarming van de aarde te onderzoeken. Eind december was de omvang van het zee-ijs op Antarctica met 4,94 miljoen vierkante kilometer: het laagste cijfer voor deze maand sinds het begin van de continue satellietmetingen. De expeditie diep in het zuiden van de westelijke Weddellzee kon hier echter niet van profiteren.

Op 9 februari vertrok het onderzoeksteam naar het gebied van ijsberg A68 om het mariene ecosysteem te verkennen dat voorheen verborgen lag onder de ijsplaat die onder invloed van de opwarming van de aarde bloot was komen te liggen.

De Polar Stern gaat nu verder naar het noorden voor nieuwe onderzoeksgebieden. “Ook in de eerder gedefinieerde alternatieve werkgebieden Larsen A en Larsen B waren we vast komen te zitten als in een muizenval”, zegt expeditieleider dr. Boris Dorschel van het Alfred Wegener Instituut, Helmholtz Centre for Polar and Marine Research (AWI).  Na uitgebreid overleg met alle onderzoeksteams aan boord besloten de wetenschappers hun werk te concentreren op een wel bereikbare regio in de noordwestelijke Weddellzee.

Daar onderzoeken ze bijvoorbeeld de zee-ijslaag en de biologische productiviteit in de bovenste waterlagen. De resultaten van deze werkzaamheden moeten onder meer bijdragen tot een beter begrip van de reacties van het Antarctische ecosysteem op de klimaatverandering.

Daarnaast zal het expeditieteam proberen de kanalen in het zee-ijs te gebruiken om verder naar het oosten te komen in de Weddellzee. Aan de andere kant van het continentaal plat daalt de zeebodem snel van ongeveer 400 meter naar ongeveer 3000 meter. “Als we de kans krijgen, willen we naar gebieden gaan waar, zoals in veel andere gebieden van de Zuidelijke Oceaan, de zeebodem nog grotendeels onbekend is”, legt Dorschel uit. Daarnaast zijn de oceanografen ook geïnteresseerd in het onderzoeken van de watermassa’s en de huidige omstandigheden ter plaatse. De circulatieprocessen die in dit zeegebied plaatsvinden, zijn bepalend voor de wereldwijde oceaanstromingen. Zelfs als het gebied van de Larsen C ijsplaat buiten bereik blijft, zullen veel spannende onderzoeksvragen beantwoord worden door de PS118 expeditie.